Poëtische Promenade

De zomer van Citaat op Straat

overbuurvrouw

een paar keer per dag
ontsnapt ze naar de overkant
van bank en bomen, haar hand
in de zak van haar jas
voor verslavend vuur

hierbuiten inhaleert ze
rookt zich een frisse neus

kringelt één oog dicht
het andere in de ban
van haar mobiel
nu soms een man naast haar
die zijn broodje deelt
en met rode handen praat
in een vreemde taal
die zij verstaat

Goedele Horemans