waarheen we ook vluchten, van station naar station
ook op de trein blijf ik de chihuahua in jouw handtas
nietige ik met mijn brein in een dubbele knoop
en mijn hart is een vloeipapier gedrenkt in filterkoffie
opstandig kef ik mijn verzet in de stiltecoupé
we kijken door het raam naar landschappen die niet bestaan
zien de conductrice naderen in onverzettelijke traagheid
het treinticket heb ik daarnet al opgegeten
Gert Vanlerberghe