nu hun handen niet meer grijpen
liever toedekken dan uitpakken
zij verhalen bedenken waarin ze de jaren
een stoel aanbieden
verzinnen waar ze niet zeker zijn
gaten toedekken
om zich heen kijken
niet naar elkaar
altijd schaduw waar de tuinbank staat
het pad alsmaar smaller
struiken groeien tot bomen
‘s middags belt de maaltijd aan
in de lege kamer
pletst het in de emmer als het regent
voor het slapengaan zeggen ze
blijf ook morgen
Goedele Horemans