Poëtische Promenade

De zomer van Citaat op Straat

Uitzicht

Tom Veys


Ik lag ergens in een bos op de grond,
speelde sneeuwengel tussen esdoornbladeren,
hun handen waren groter dan de mijne,
takken hadden geen bladeren meer.

Niets kon schrijven in mij,
behalve een licht, kijk,
een broze tak wiegde
in de wind.

‘Wie zal de ark nu bouwen?’
was een vraag.
‘De dieren of wij?’

Hoor het geruis,
een verhaal vertellen,
start met een boom.

De boom heeft vele takken en
zinnen zijn zoals zij.

Onvermoeibaar groeien ze verder
in stemmen.