Poëtische Promenade

De zomer van Citaat op Straat

De wind

Ze heeft wel honderd armen.

Eentje om de bellen in het rond te gooien van het vrolijk blazende kind,
eentje die de vlieger hevig doet dansen tot hoog in de lucht,
eentje die stiekem een wolk voor de ondergaande zon trekt, als ik net een foto wil nemen,
eentje om die fietser een zetje te geven die haastig de brug afrijdt,

een om de haren in de war te brengen van die deftige dame die bij de kapper buitenkomt, eentje die kinderlijk tussen de bladeren speelt alsof het een danser is,
eentje om meneer Janssens’ sjaal te doen wapperen
en zijn paraplu mee te trekken naar ongekende hoogten,

een die ongevraagd langs het raam binnenkomt
en het dan laat klapperen als een op hol geslagen kunstgebit,
eentje om de oude takken van de bomen te snokken tijdens een gure storm
en ga zo maar door…

Maar als de wind eindelijk gaat liggen, gaan rust en stilte voor.
Als ik de wind daar ooit tegenkom, rustig liggend in het riet,
neem ik hem stevig vast en gaat de stilte lekker door.

maeskatrien99