Poëtische Promenade

De zomer van Citaat op Straat

Bloedbroeders

Daar ben je dan
de Held van het verleden
De dood van
Vandaag
Het lot heeft zijn Wonden gesneden

Kervend
Maakte hij mij ik
Keek hij mij aan met de blik
Die me liet sterven

Ik sta op
Uit de dood
De donkere doop
Toen mijn schaamte
Verzoop

Ik hield niet zijn hand
De mijne
Maar zijn nek
Armen
Gestrekt

Dat ene oog
Rood van haat
Dat me vroeg
Dat me ademloos vertelde
Waarom de geest
Van de gekwelde
Niet sterven kan

En hij dan?

Onze omhelzing
Onbewogen
Die lamme
Dode ogen

En steek van pijn
Een zilveren flits
Een dolk
Een kreet
Een ogenblik

Niets te verliezen
Niemand te beminnen
Enkel een zwarte, diepe haat
Die diep vanbinnen
Woekert

Zwarte aders
De man met de raven
De mantel
En de hoed
De twee broeders
Vermengen hun bloed

Enkel hun ogen
In eeuwige razernij
Hun strijd gestreden
Hun leven voorbij

QAMIl